Alle verhalen

De SEH-arts als regisseur

blog blog
Lees het verhaal van Noud en Ronald

De nieuwe rol van de SEH-arts

In Maastricht bouwen artsen aan een spoedeisende hulp waarin samenwerking, academische ontwikkeling en brede medische expertise centraal staan. De toekomst van de spoedzorg wordt vaak gezien als een probleem van morgen. In Zuid-Limburg voelt dat anders. De druk op de spoedeisende hulp neemt zichtbaar toe. Afdelingen sluiten tijdelijk, opnamestops komen vaker voor en het aantal patiënten groeit, terwijl het aantal zorgprofessionals achterblijft.

Voor Noud Peppelenbosch, medisch directeur van het Centrum voor Acute en Kritieke Zorg van het Maastricht UMC+, kwam dat besef eerder dan verwacht. “Ikzelf dacht altijd dat komt over vijf of tien jaar, maar het is echt nu al.” De ontwikkelingen worden in Limburg extra scherp gevoeld. De bevolking vergrijst en jongeren vertrekken uit de regio. Met het ouder worden nemen gezondheidsproblemen toe en groeit ook het beroep op de acute zorg. Tegelijk wordt het steeds lastiger om voldoende zorgprofessionals te vinden. Die combinatie maakt het steeds moeilijker om de zorg draaiende te houden. 
Afdelingen moeten tijdelijk sluiten omdat er geen personeel beschikbaar is. Ziekenhuizen krijgen te maken met opnamestops. Voor het MUMC+, dat een level-1 traumacentrum is, betekent dat dat de spoedeisende hulp vrijwel altijd open moet blijven. Die rol brengt verantwoordelijkheid met zich mee, maar ook trots. Het ziekenhuis is een van de plekken waar de meest complexe acute patiënten terechtkomen.

De regio als systeem
Toch kan geen enkel ziekenhuis deze ontwikkeling alleen opvangen. Volgens Ronald Henry, medisch manager van de Spoedeisende Hulp en de Acute Opnameafdeling, dwingt de situatie ziekenhuizen om anders naar hun rol te kijken. “Je kunt niet alleen meer nadenken over je eigen winkel.” De zorgketen in de regio is nauw met elkaar verbonden. Als het in een ander ziekenhuis vastloopt, duurt het volgens Ronald zelden lang voordat dat effect ook elders zichtbaar wordt. “Als het in een andere ziekenhuis niet goed gaat, is het een kwestie van tijd voordat het in ons ziekenhuis niet goed gaat. En omgekeerd.” Juist daarom zoeken ziekenhuizen in de regio elkaar steeds vaker op om de organisatie van acute zorg samen te bespreken. Ook wordt gekeken naar een betere afstemming tussen spoedeisende hulp en huisartsenposten. Traditioneel functioneren die grotendeels naast elkaar.

Door die samenwerking te versterken kan sneller worden bepaald waar iemand het beste geholpen kan worden. Niet iedere patiënt die zich meldt bij de spoedeisende hulp hoeft daar ook behandeld te worden. Soms kan een huisarts dezelfde zorg leveren. Door patiënten sneller naar de juiste plek te begeleiden, kan de druk op de spoedzorg worden verlicht.

De SEH-arts als regisseur
Naast die regionale veranderingen verandert ook de positie van de spoedeisende hulp binnen het ziekenhuis zelf. Lange tijd werd de afdeling gezien als een logistiek knooppunt waar patiënten binnenkwamen voordat andere specialisten het overnamen. Die rol verandert. De patiënten die vandaag op de spoedeisende hulp binnenkomen, zijn complexer dan vroeger. Een ogenschijnlijk eenvoudige klacht kan meerdere oorzaken hebben en gaat vaak samen met andere aandoeningen. Dat vraagt om artsen die breed kunnen denken en snel beslissingen moeten nemen. 
Noud schetst hoe anders de situatie vroeger was. “Vroeger was het gewoon een soort snoepwinkel. Je kwam binnen als chirurg en zei ik heb nu een mes nodig en ik heb dit nodig. En dan kreeg je dat allemaal.” Die manier van werken past niet meer bij de huidige zorg. De spoedeisende hulp ontwikkelt zich daarom steeds meer tot een eigen medisch specialisme. 

Binnen het MUMC+ wordt die ontwikkeling actief ondersteund. Er worden zorgpaden ontwikkeld die bepalen hoe patiënten met bepaalde klachten door de afdeling bewegen. Ook wordt scherper gekeken naar drukte op de afdeling en wachttijden voor patiënten. Als wachttijden oplopen, wordt extra personeel opgeroepen om te helpen. Dat soort maatregelen was enkele jaren geleden nog niet vanzelfsprekend.

Een afdeling in opbouw
Tegelijk is de spoedeisende hulp van het MUMC+ nog volop in ontwikkeling. Het ziekenhuis wil meer SEH-artsen aantrekken en werkt toe naar een volwaardige academische vakgroep. Voor Noud hoort dat bij de rol van een universitair medisch centrum. “De belangrijkste pijler is patiëntenzorg. Als academie vinden we ook opleiding en onderzoek heel belangrijk.” Die combinatie van patiëntenzorg, opleiding en onderzoek moet ervoor zorgen dat de afdeling toekomstbestendig blijft en artsen zich verder kunnen ontwikkelen. 

Samenwerken als cultuur
Op de werkvloer merkt Ronald dat de cultuur langzaam verandert. Specialisten kijken vaker over de grenzen van hun eigen vakgebied heen en zoeken elkaar op. “De bereidheid tot samenwerken is aan het groeien. Dat mensen over hun eigen vakgebied heen kijken is een enorm pluspunt. Noodzakelijk ook, want de patiënt heeft vaak meer dan een probleem.” Voor Ronald is dat misschien wel de voornaamste ontwikkeling van de afgelopen jaren. 

De blik op 2030
Als Noud vooruitkijkt naar 2030, ziet hij een spoedeisende hulp die verder is uitgegroeid tot een sterke academische afdeling, met een eigen vakgroep, actieve onderzoekslijnen en een duidelijke rol in de opleiding van nieuwe artsen. Maar misschien nog belangrijker is dat de samenwerking in de regio dan vanzelfsprekend is geworden. De druk op de spoedzorg zal niet verdwijnen. Hoe ziekenhuizen daarmee omgaan, wordt nu bepaald. Op de werkvloer, in de regio en in de keuzes die vandaag worden gemaakt.

Beluister en bekijk de podcast op de volgende kanalen

Spoedberaad. De podcast van Maastricht UMC+ over werken als SEH-arts. Beluister de serie op de volgende kanalen:

Apple podcast
Youtube icon
Spotify icon